Engel IB144 Uživatelský manuál Strana 106

  • Stažení
  • Přidat do mých příruček
  • Tisk
  • Strana
    / 440
  • Tabulka s obsahem
  • KNIHY
  • Hodnocené. / 5. Na základě hodnocení zákazníků
Zobrazit stránku 105
59
de afzonderlijke, geannoteerde uitgave bezorgd, die wij hier wenschen te bespreken.
De tijden, waarin men letterkundige werken uit vroeger eeuwen liet herdrukken
zonder zich te bekommeren om een nauwkeurigen tekst en nog minder om de
noodige ophelderingen, zijn voorbij. Aan hem, die tegenwoordig een nieuwe editie
geeft van een oud geschrift, worden hooge eischen gesteld. Hij heeft zich op de
hoogte te stellen van de verschillende uitgaven; den tekst dier uitgaven te vergelijken;
de varianten òf alle aan te teekenen, óf te gebruiken om fouten in den door hem
gevolgden druk te herstellen; zorgvuldig te waken tegen het insluipen van drukfouten,
en waar hij nog verder wil gaan - te verklaren, wat verklaring noodig heeft. Waar hij
't niet kan, worde dit door hem vermeld, opdat de lezer niet telkens stoote op
moeilijkheden, die ‘zeker wel héél gemakkelijk moeten zijn op te lossen, daar de
uitgever het niet noodig oordeelde, er eenige opheldering bij te geven’.
Blijkbaar heeft het in de bedoeling van den heer Kuipers gelegen, den tekst der
oudste uitgave van den
Teeuwis
met behulp van de varianten uit andere drukken
te verbeteren. Datzelfde heeft Penon gedaan. En daarom is het te betreuren, dat
de heer Kuipers geen gebruik heeft gemaakt van de uitstekende editie-Penon, ja,
naar 't schijnt, deze over 't hoofd heeft gezien
1)
.
Over 't geheel valt de wijze, waarop de heer Kuipers bij het vaststellen en het
corrigeeren van den tekst is te werk gegaan, niet te roemen. Tot grondslag heeft
gediend niet de oudste editie zelve, maar mijne uitgave. Drukfouten in die uitgave
vindt men dan ook in den regel bij den heer Kuipers terug: b.v. blz. 22
proveretgen
voor
poveretgen;
blz. 25
We blijfst
voor
Wo blijfst;
blz. 76
En haalt
voor
En haal
.
Is dat al niet goed te keuren, erger nog is het, dat de heer K. er niet op gelet heeft,
dat ik die drukfouten op blz. 627-629 van
Coster's Werken
verbeterd heb.
Het spijt mij, dat ik het zeggen moet: de heer K. is met de correctie vrij slordig te
werk gegaan. Ik wil hier niet spreken over
g
's voor
gh
's,
ij
's voor
y
's en dergelijke
kleinigheden, niet wijzen op de punctuatie, die in een uitgave als deze verbeterd
had moeten worden (Penon was ook in dit opzicht voorgegaan), maar liever een
aantal voor 't meerendeel zinstorende drukfouten opsommen, welke door hen, die
in 't bezit zijn van 's heeren Kuipers' editie, waarlijk wel verbeterd mogen worden:
blz. IX
sterckt
, lees:
streckt;
blz. 4
dato
, l.
dats;
blz. 5
heefteit
, l.
heeftiet; nou
verslyten
, l.
sou verslyten; weyt
, l.
weyts;
blz. 6
starek
, l.
starck;
blz. 8
den herseloose
Vent
, l.
dese;
blz. 9
drinck
, l.
drinct;
blz. 11
ontwervelje
, l.
ontwervele je;
blz. 14
datme
, l.
datwe; 't soeck
, l.
t' soeck;
blz. 15
seyt ik
, l.
segh ick; uit doncker
, l.
int
doncker; krijgt ick een verwangt
, l.
krijgh ick een oorwangt;
blz. 16
1) Bij de opsomming der uitgaven van den Teeuwis (Inleiding, III) noemt K. wel mijne editie,
maar die van Penon niet.
Taal en Letteren. Jaargang 2
Zobrazit stránku 105
1 2 ... 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 ... 439 440

Komentáře k této Příručce

Žádné komentáře